De GEDRAGSCODES in en rondom KARATE-club TOMODACHI oosterzele


A) In de DOJO = In het sportlokaal.
- Bij het betreden en het verlaten van de DOJO, wordt er gegroet aan de deur. OSS.
- In de DOJO heerst er stilte en wordt er niet geroepen, tenzij “KIAI”.
- In de DOJO wordt er tuchtvol gewerkt met respect voor de sensei(=leraar) en
   voor de medeleerlingen. Men traint er met volle inzet en aandacht bij het uitvoeren
   van de technieken, maar met voldoende controle en zelfbeheersing.
- Leraars dienen op tijd te zijn, en dit om de leden te ontvangen en om de veiligheid te garanderen.
- De leerlingen moeten ook tijdig in de les zijn.
- Wie te laat komt vraagt toelating aan de leraar om de groep te vervoegen.
- Wie de dojo wil verlaten (bvb. Toilet,…) vraagt toelating aan de leraar.
- Er wordt niet gedronken, gegeten, noch gerookt tijdens de les.

B) De beoefenaars = de karateka's.
- Moeten nette haren hebben die niet hinderen tijdens de les. Een hoofdband wordt
   aanbevolen bij te lange haren. Je moet zicht hebben op alles rondom U.
- Metalen haarspelden, kam, oorringen, ringen, juwelen, halskettingen of andere
   voorwerpen die kwetsuren kunnen veroorzaken zijn verboden.
- De nagels aan handen en voeten moeten kortgeknipt zijn.
- Brillen kunnen aanvaard worden op eigen risico (sportbril), maar niet in kumite.

C) De kleding.
- Een karateka werkt blootsvoets.
- De karate-gi, het oefenpak bestaat uit een witte vest en dito broek.
   Dit is verplicht vanaf het 1ste examen en dient steeds ordelijk te zijn.
- De gordel houd het pak dicht en toont door zijn kleur de graad van de karateka.
- Voor het kumite zijn handbeschermers verplicht. In wedstrijden zelfs een mondstuk.
- Een schelp geeft extra bescherming bij de heren, voor de dames bestaan er
   borstbeschermers. Deze mogen gedragen worden.

< Terug naar boven >

 

Gerealiseerd door VAN SAEN          | HOME - Terug naar BEGINpagina |      | ons CONTACTEREN via |